Realisatie

Frisian Motors B.V.

Realisatie

Financiële positie NOM

Resultaatontwikkeling

De renteopbrengsten, dividenden en overige resultaten op participaties van het Financieringsbedrijf hebben geleid tot een positief resultaat voor het boekjaar 2015. Het Ontwikkelingsbedrijf van de NOM heeft haar activiteiten met verlies uitgevoerd.

De weergegeven tendens weerspiegelt het karakter van de NOM, dat gekenmerkt wordt door onvoorspelbaarheid van de dividenden van participaties. Gegeven het type bedrijven waarin NOM Finance investeert, laat het rendement op investeringen zich vaak pas na een aantal jaar zien. Onze prestaties zijn hierdoor beter zichtbaar vanuit meerjarig perspectief.

Figuur 2: Resultaatontwikkeling NOM (in € miljoen)

Resultaat 2011 2012 2013 2014 2015
Finance 0,1 5,2 2,5 9,5 3,2
Ontwikkelingsbedrijf ‑1,4 ‑1 ‑0,1 ‑0,5 ‑0,4
NOM ‑1,3 4,2 2,4 9 2,8

Tabel 7: Resultaatontwikkeling NOM (in € miljoen)

Vermogensontwikkeling

Om risicodragend kapitaal te kunnen verstrekken is door de aandeelhouders kapitaal ingebracht. De aandeelhouders stellen als eis aan NOM Finance dat de koopkracht van het door hen beschikbaar gestelde vermogen in stand blijft. Dat wil zeggen dat NOM Finance na aftrek van haar kosten in vijfjarig perspectief een rendement boekt dat tenminste gelijk is aan het inflatiepercentage.

Het beschikbaar gestelde vermogen verhoogd met de inflatiecorrectie wordt aangemerkt als doelvermogen. De 5-jaarsperiode liep van 1 januari 2011 tot en met december 2015. Het kapitaal was bij aanvang van de periode € 85,2 miljoen. Ultimo 2012 is het doelvermogen gecorrigeerd voor de kosten van de reorganisatie en ultimo 2013 en 2015 voor een dividenduitkering. Door het positieve resultaat is het vermogen van de NOM desondanks ultimo 2015 groter dan het doelvermogen, waarmee aan de doelstelling van de aandeelhouders wordt voldaan.

Figuur 3: Vermogensontwikkeling (in € miljoen)

  2011 2012 2013 2014 2015
vermogen 85,4 88,0 70,5 79,5 72,3
doelvermogen 87,2 88,1 70,3 71,1 61,5

Tabel 8: Vermogensontwikkeling (in € miljoen)

Liquiditeitsontwikkeling

De liquiditeitspositie is in 2015 afgenomen als gevolg van de gerealiseerde € 12,1 miljoen aan uitzettingen en het uitblijven van opbrengsten uit de verkoop van participaties. Daarnaast is aan het eind van 2015 dividend uitgekeerd aan de aandeelhouders.

Figuur 4: Liquiditeitsontwikkeling

  2011 2012 2013 2014 2015
Aangegane verplichtingen 7,3 5,1 4,3 6,3 10,9
Beschikbaar voor financiering 43,8 63,8 46,9 52,6 30,3

Tabel 9: Liquiditeitsontwikkeling (in € miljoen)

Duurzaamheidsresultaten

Onze duurzaamheidsverslaglegging gaat in op de 3 categorieën aspecten van duurzaam ondernemen: dit zijn economische, sociale en milieu aspecten. Voor alle drie de aspecten geldt dat de interne organisatie van belang is, maar dat we het grootste effect hebben in de regio. De nadruk zal bij de resultaten daarom worden gelegd op de externe indicatoren. 

Economisch

Het beleid van de NOM met betrekking tot de economische effecten is gebaseerd op het nationale topsectorenbeleid en het regionaal economisch beleid zoals bepaald door de provincies.

Effecten in de regio

De effecten in de regio van het beleid van de NOM worden in onderstaande tabel weergegeven. In de hoofdstukken NOM FinanceNOM Foreign Direct Investment en NOM Business Development gaan we hier nader op in.

Indicator Realisatie 2014 Doel 2015 Realisatie 2015
FDI: Investeringen € 831 mln € 100 mln € 46,1 mln
FDI: Arbeidsplaatsen (incl. behoud en IR) 393 200 455
BD: Innovatie impuls (financierbare projecten) € 20,5 mln € 6 mln € 23,8 mln
F: Uitzettingen 9,2 € 8 - 12 mln € 12,1 mln
F: Uitzettingen via Doefonds, MKB Fonds en IFG € 1,1 mln - € 4,8 mln
Flinc: Directe en indirecte investeringen (doel voor 2 jaar) € 4,5 mln € 3 mln € 7,4 mln
Flinc: Aantal arbeidsplaatsen (doel voor 2 jaar) 133 36 185

Tabel 10: Effecten in de regio

Eigen economische prestaties

Onze financiële prestaties in 2015 en de economische waarde die hiermee gegenereerd wordt, waaronder inkomsten, operationele kosten, personeelsvergoedingen, overige maatschappelijke investeringen, ingehouden winst en betalingen aan kapitaalverstrekkers en overheden zijn weergegeven in de jaarrekening.

De investeringen die de NOM doet dienen de maatschappelijke doelstellingen die samenhangen met de missie van de NOM. De materiële belastingen die de NOM moet betalen, beperken zich tot de loonbelasting en OZB in Nederland.

Sociaal

De sociale aspecten van duurzaam ondernemen gaan over werkgelegenheid. We maken onderscheid tussen het effect van onze activiteiten in de regio en de arbeidsomstandigheden in eigen huis. De NOM hecht belang aan een optimale inrichting van de organisatie voor de eigen werknemers. Hun welzijn is van invloed op de uitvoering van hun werk: tevreden werknemers zullen hun werk zo effectief en optimaal mogelijk uitvoeren. Dat vertaalt zich door naar positieve effecten op de regio.

Voor de externe aspecten zijn doelen geformuleerd. Voor de interne sociale aspecten waarover gerapporteerd wordt is dat niet het geval.

Werkgelegenheid in de regio

Door middel van FDI creëert en behoudt de NOM arbeidsplaatsen in Noord-Nederland. Daarnaast zijn we actief betrokken bij een groot aantal bedrijven in de regio door middel van financieringen (NOM Finance) en ontwikkelprojecten (NOM Business Development).

Deze financieringen en projecten leiden niet alleen tot behoud van werkgelegenheid, maar ook tot groei. De doelstelling voor 2015 ten aanzien van nieuwe arbeidsplaatsen door middel van FDI was 150.  Op de indicator arbeidsplaatsen bij gefinancierde bedrijven en ontwikkelprojecten zijn geen doelen gesteld.

Het effect van het versterken van de positie van stuwende bedrijven op de omgeving, of de groei in arbeidsplaatsen na financiering door NOM Finance, kunnen we  niet inzichtelijk maken. Dit indirecte effect rapporteren we daarom niet. Onderstaande tabel bevat alleen de directe arbeidsplaatsen. Dat zijn de arbeidsplaatsen bij de bedrijven waar sprake is van een samenwerkingsverband.

  2014 2015
Aantal gecreëerde en behouden arbeidsplaatsen door FDI 388 455
Aantal arbeidsplaatsen bij NOM-deelnemingen 2.774 3.021
Aantal manjaren arbeid in Ontwikkelprojecten (BD) 109 126
Aantal gecreëerde en behouden arbeidsplaatsen door Flinc 133 185

Tabel 11: Werkgelegenheid in regio uit NOM activiteiten

Werkgelegenheid in eigen huis

Bij de NOM hechten we veel belang aan persoonlijke ontwikkeling. Het opleidingsbudget en andere faciliteiten die dit mogelijk maken zijn de afgelopen jaren dan ook op hetzelfde niveau behouden. In 2015 is een medewerkersonderzoek uitgevoerd waaruit blijkt dat NOM medewerkers de ruime mogelijkheden qua loopbaanontwikkeling en scholing waarderen. Ook de ruimte om werk naar eigen inzicht in te richten en als onafhankelijke professional te functioneren wordt positief beoordeeld. De waardering van de NOM als werkgever blijkt uit de relatief lange dienstverbanden.

  Leeftijdscategorie Aantal m Aantal v
Instroom 20-35 0 2
  36-45 1 0
  46-60 1 1
Totaal instroom   2 3
Uitstroom 20-35 0 0
  36-45 0 2
  46-60 2 2
  >60 0 1
Totaal uitstroom   2 5

Tabel 12: Personeelsverloop

Opleiding en scholing

Het budget voor opleiding was de afgelopen twee jaar 4% van de loonsom. In 2015 hebben bijna dubbel zoveel werknemers een opleiding gevolgd dan in 2014. Zowel de totale opleidingskosten als de kosten per medewerker waren in 2015 gemiddeld hoger dan in 2014.

De toename is ten dele het gevolg van sinds 2014 nieuw binnengekomen medewerkers. Deze groep richt zich met nadruk op de eigen ontwikkeling, en heeft bij de start een assessment gehad met een daaraan gekoppeld ontwikkeltraject. Zo kunnen zij zo goed mogelijk begeleid worden in hun loopbaan bij de NOM.

Daarnaast hebben 20 medewerkers een AED-cursus gevolgd van 3 uur per persoon. Deze data zijn geen onderdeel van bovenstaande gegevens, daar dit een verplichte cursus is.

  2011 2012 2013 2014 2015
Uitgaven in € x 1.000 93 57 47 55 96
Opleidingskosten (gemiddeld per fte) 855 1.140 2.022 1.495 2.474

Tabel 13: Opleiding- en scholingsuitgaven

De gerealiseerde opleidingskosten bedroegen 3,50 % van de loonsom (2014: 2,04%). De opleidingskosten waren in 2015 gemiddeld per medewerker € 2.474  (2014: € 1.495). Hierbij wordt geen onderscheid gemaakt tussen de werknemerscategorieën.

De tijdsbesteding aan opleiding en scholing wordt als volgt ingeschat:

  2014 2015
Aantal medewerkers 13 28
Aantal uren 27 20
Totaal uren 351 560

Tabel 14: Tijdsbesteding opleiding en scholing (in uren)

Loopbaanontwikkeling

De vaste gesprekscyclus van de NOM bestaat uit een jaarlijkse cyclus van de onderdelen ontwikkeling, functionering en beoordeling. Op twee formele gespreksmomenten per jaar komen deze aan de orde. De hoofddoelstelling is het optimaliseren van het functioneren van de individuele werknemer en van de organisatie. Dankzij deze gesprekken wordt de kwaliteit van het werk gehandhaafd en verbeterd. Ook dragen ze bij aan de motivatie en ontplooiingskansen van onze werknemers.

Halverwege het jaar wordt het functioneringsgesprek gevoerd. Hiermee kunnen we vaststellen hoe het gaat en waar eventueel bijgestuurd moet worden. In dit gesprek komt ook het persoonlijke ontwikkelingsplan aan de orde. Er worden afspraken gemaakt over te ontwikkelen competenties, te leveren prestaties en randvoorwaarden zoals begeleiding ‘on the job’, of het volgen van trainingen, cursussen of opleidingen.

Tot slot wordt de medewerker aan het einde van het jaar beoordeeld. De beloning is op een voor de medewerker inzichtelijke manier aan deze beoordeling gekoppeld. Ook worden de individuele resultaatafspraken voor het komende jaar vastgelegd tijdens dit gesprek. De beoordelingscyclus is voor alle medewerkers van toepassing.

Levensfasebewust personeelsbeleid

In het kader van het levensfasebewust personeelsbeleid maakte niemand gebruik van de geboden mogelijkheid om in de periode van drie jaar voorafgaand aan het pensioen in deeltijd te gaan werken met behoud van pensioenopbouw.

Ziekteverzuim

Door een toegenomen aantal verzuimmeldingen is het ziekteverzuim percentage met 0,4% gestegen.  Ook de meldingsfrequentie per medewerker steeg, van  0,71 in 2014 naar 1,17. De gemiddelde verzuimduur nam echter af met 53%. Deze trend is met name het gevolg van veelal kortdurend verzuim. 

  2012 2013 2014 2015
Ziekteverzuim % 3,9 4,6 1,9 2,3
CBS landelijk gemiddelde * 4 3,9 3,7 3,9

Tabel 15: Ziekteverzuim

Figuur 5: Ziekteverzuim

Milieu

De NOM draagt op positieve manier bij aan verschillende milieu-gerelateerde aspecten via de ontwikkeling van innovatieprojecten. Dit wordt gemeten met de indicator innovatie-impuls.  Het doel voor 2015 was een innovatie-impuls van € 20 miljoen, wat ruimschoots behaald is. De innovatieprojecten waarin de NOM deelneemt worden beschreven in NOM Business Development.

De interne milieu-impact van de NOM als dienstverlener is beperkt. Daarom meten wij een aantal aspecten, maar hebben wij nog geen doelen gesteld met betrekking tot interne milieuaspecten.

Voor intern verbruik zijn de volgende indicatoren vastgesteld:

Indicatoren Eenheid 2013 2014 2015
Gebruikte materialen        
Drukwerk aantal pagina's 209.600 208.100 234.000
Papierverbruik aantal zwart-wit kopieën 131.176 154.402 129.063
  aantal kleur kopieën 112.189 131.461 119.255
Tonerverbruik gram zwart 3.766 4.329 3.095
  gram kleur 10.397 3.470 2.472
Energieverbruik        
Elektriciteit kWh 182.434 182.989 25.477*
Gasverbruik m3 28.719 27.219 11.446**
Energieverbruik per FTE GJ/fte 39,84 41,31 2,33
Milieugevolgen transport        
Gereden door wagenpark km 538.950 575.653 357.211
Zakelijke ritten eigen vervoer km   92.348 175.831***
CO2 uitstoot (in CO2 kg)        
Scope 1: Gasverbruik   51.356 48.674 20.465
Scope 2: Elektriciteit   89.435 89.707 12.489
Scope 3: Wagenpark en zakelijk eigen vervoer   89.169 120.487 115.555
Totaal CO2   229.960 258.868 148.509

Tabel 16: Intern verbruik

Figuur 6: CO2 emissies naar scope

Toelichting op de milieu-data

De hoeveelheid drukwerk lag in 2015 hoger dan in voorgaande jaren. Dit komt door het toegenomen aantal abonnees op de NOMmer, ons kwartaalmagazine. In 2016 wordt meer gestuurd op digitale abonnees.

*Het energiecontract loopt sinds 2013 via de verhuurder van het bedrijfspand waarin de NOM gevestigd is. De huidige leverancier, MAIN Energie, levert groene stroom.  In 2015 is er een slimme meter in het pand geïnstalleerd waarmee wij het verbruik van de NOM kunnen uitgelezen in plaats van het hele pand. Dit is terug te zien in de elektriciteitsverbruik gegevens. Ook van invloed hierop is de zuinigere LED verlichting die we eind 2014 in door de NOM gehuurde ruimtes hebben laten installeren.

**Dit jaar is het gasverbruik anders gerapporteerd dan in 2014. Voorheen werd het volledige gasverbruik van het bedrijfspand opgegeven. Daar de NOM van 47% van het pand gebruik maakt, is over 2015 47% van het totaal verbruik van 24.414 m3 gerapporteerd. De data van voorgaande jaren hebben betrekking op het gehele pand.

***Voor het zakelijk vervoer is in 2015 een nieuwe mobiliteitsregeling geëffectueerd als vervanging van de leaseregeling die wordt afgebouwd. Per 2016 zal het wagenpark geen leaseauto’s meer bevatten. Om deze reden zijn we vanaf 2014 begonnen alle zakelijke ritten met eigen vervoer te registreren en te rapporteren.  Omdat deze post (zakelijke ritten met eigen vervoer) alle transport zal vervangen, zal deze post komende jaren hoger worden, wat zichtbaar is in bovenstaande data. De post 'gereden door wagenpark' zal afnemen, wat blijkt uit de 2015 gegevens. De verwachting is dat deze regeling ook zal leiden tot het maken van bewustere vervoerkeuzes.

NOM Finance

NOM Finance heeft in 2015 een positief bedrijfsresultaat van € 3,2 miljoen behaald. Dit resultaat is opgebouwd uit rentebaten, ontvangen dividenden, afboekingen, voorzieningen en resultaten uit de verkoop van participaties.

Ook in 2015 mochten wij ons verheugen in een groot aantal aanvragen voor financiering door de NOM. Het aantal aanvragen bleef op niveau met 343 leads en 43 onderzoeken, en de kwaliteit van de ontvangen business plannen nam toe. Met € 12,1 miljoen aan uitgezette financieringen heeft NOM Finance een investeringsresultaat boven verwachting behaald. Daarnaast kunnen we over 2015 vaststellen dat een aanzienlijk aantal van onze portefeuillebedrijven goed tot uitstekend heeft gepresteerd.

De totale werkgelegenheid van onze portefeuille groeide in 2015 naar 3.021 fte (2014: 2.774 fte).

Inkomsten 2011 2012 2013 2014 2015
Dividend, rente, provisies, commissariaten 10,1 9,2 7,6 13,5 6,4
Resultaat bij verkoop participaties 1,3 3,8 0,5 5,2 0,3
Bijdrage Provincie Drenthe 0,1 - - - -
Resultaat Ontwikkelingsfinanciering* ‑0,6 0,2 0,0 0,0 -
Resultaat PSC* ‑0,3 0,5 0,0 0,0 -
Beheer fondsen - - - 0,3 0,6
Totaal Inkomsten 10,6 13,7 8,1 19,0 7,3
Kosten NOM Finance 3,0 2,6 2,2 2,6 2,8
Voorzieningen 7,5 6,0 3,4 6,9 1,3
Totaal kosten 10,5 8,6 5,6 9,5 4,1
Resultaat NOM Finance 0,1 5,1 2,5 9,5 3,2

Tabel 17: Het financiële resultaat van het NOM Finance (in € miljoen)

*Vanaf 2015 zijn de resultaten van het Aanjaagfonds (ontwikkelingsfinancieringen) en PSC niet meer separaat opgenomen. De opbrengsten zijn opgenomen in dividend, rente, provisies, commissariaten en de kosten in voorzieningen.

Investeringsniveau

In 2015 hebben we onze investeringsambitie met € 12,1 miljoen boven verwachting kunnen realiseren. Aangevuld met de investeringen via de Provinciale fondsen (Doefonds Fryslân, MKB Fonds Drenthe en Investeringsfonds Groningen IFG)  die sinds medio 2014 en 2015 in beheer zijn genomen, komt het totale investeringsniveau door en via NOM Finance uit op ruim € 16,8 miljoen. We verwachten dat deze ontwikkeling zich in 2016 zal voortzetten. Het aantal aanvragen was vergelijkbaar met 2014 met 343 leads in totaal. Het aantal inhoudelijke onderzoeken en financieringen nam echter toe met 14 daadwerkelijke investeringen bij nieuwe portefeuillebedrijven en 14 additionele- of herfinancieringen bij bestaande relaties.

Simplicate: innovatieve online bedrijfssoftware

De Groningse start-up Simplicate heeft grote plannen met haar innovatieve online bedrijfssoftware. ‘Het moet de beste oplossing zijn, eenvoudig en logisch in gebruik en klanten moeten er blij van worden.’ zegt Peter Hager. Samen met zijn compagnon Gerard Loode richtte hij Simplicate op, een start-up die cloud-based software ontwikkelt waarmee bedrijven hun kernproces vanuit één systeem kunnen organiseren. Van de eerste kennismaking met de potentiële klant tot aan de factuur.

‘Als consument kun je tegenwoordig alles online en zonder al te veel gedoe installeren, maar voor de zakelijke markt is eenvoud en plezier helaas nooit het uitgangspunt’, betoogt Peter. ’Natuurlijk,  alles is mogelijk, maar eigenlijk wil je helemaal niet dat alles kan. Als bedrijf zoek je een oplossing die zich écht richt op je primaire proces en waar je direct mee aan de slag kunt. Bovenal moet het je ook veel plezier brengen. Vanuit die gedachte hebben we Simplicate ontwikkeld. Het moet de beste oplossing zijn, eenvoudig en logisch in gebruik en klanten moeten er blij van worden. Daar wordt bij ons alles aan getoetst.’

Om de verdere groei te financieren en een internationaal netwerk op te bouwen werd contact gezocht met de NOM. Er werd onder meer gekeken naar de marktbehoefte, afnemers en concurrenten van het bedrijf. En uiteraard werd de software door de NOM uitgebreid getest. Na positieve afronding van de due diligence werd besloten Simplicate een financiering te verstrekken.  Simplicate heeft in de ogen van de NOM een indrukwekkende ontwikkeling doorgemaakt en is in staat om met deze investeringsronde een volgende grote stap te zetten. ’

Ontwikkelingen in het financieringslandschap

2015 was niet alleen in investeringsbedragen maar ook in het aantal gerealiseerde financieringen een aanzienlijk beter jaar dan 2014. Dit was mede het gevolg van een toegenomen kwaliteit van de ontvangen business plannen. In brede zin blijft dit wel een aandachtspunt. Verschillende partijen in de financieringsmarkt hebben eigen beleidsuitgangspunten en vereisten, waardoor ondernemers uitgebreide informatie dienen te verstrekken. Daarnaast blijft de financieringsmarkt in het algemeen een beperkende factor in het realiseren van investeringen door NOM Finance. Bij alle proposities zijn wij, onafhankelijk van onze eigen beoordeling van het plan, afhankelijk van cofinanciering door andere partijen. Conventionele partijen behouden echter een risicomijdende positie, die niet goed aansluit met het risicoprofiel waarbinnen NOM Finance opereert.

Daartegenover staat de opkomst van alternatieve financiers, zoals kredietunies en crowdfunding platforms. Zij kunnen financieringsaanvragen vaak grotendeels invullen. Dit zien wij als een goede ontwikkeling. Ondernemers worden in staat gesteld de totale financieringsvraag vanuit meerdere bronnen te realiseren, het zogenaamde 'gestapeld financieren’.  

Tegelijkertijd maakt deze ontwikkeling het financieringslandschap complexer. Alternatieve financiers hanteren verschillende voorwaarden en uitgangspunten. Dit maakt dat er meer van de ondernemer wordt gevraagd in de zin van het goed voorbereiden en onderbouwen van zijn of haar financieringsvraag. In veel gevallen leidt dit tot lange doorlooptijden van het financieringsproces of het uiteindelijk niet kunnen realiseren van de financiering.

Ondersteuning vanuit initiatieven zoals Flinc is daarmee steeds noodzakelijker, ook voor het al langer bestaande bedrijfsleven. Met Flinc beogen wij jonge ondernemers te begeleiden in dit proces. Wij helpen hen om met een goed business plan tot een passende vorm van financiering te komen. Ook werkt NOM Finance actief mee aan initiatieven voor ondernemers, waaronder de ‘Financieringswijzer voor Noord-Nederland’, een digitale tool om ondernemers gericht op weg te helpen in de zoektocht naar financiering.

aantal bedrijven 01-01-2015: 84 - aantal bedrijven 31-12-2015: 87

Bij: 7 > € 200.000
  7 ≤ € 200.000
Af: 4 > € 200.000
  7 ≤ € 200.000

Tabel 18: Verloop van de portefeuille (excl. persoonlijke leningen)

In 2015 werden in totaal 14 ondernemingen aan de portefeuille toegevoegd. Daarnaast werd aan 11 ondernemingen binnen de bestaande portefeuille aanvullende financieringen verstrekt. Van 11 bedrijven is in 2015 afscheid genomen. Voor 5 van deze bedrijven was de aanleiding hiervoor een faillissement, liquidatie  of oninbaarheid. Van de overige 6 bedrijven is afscheid genomen vanwege de volledige aflossing van de lening.

  Aantal   Bedrag  
Nieuwe bedrijven 2014  2015  2014  2015 
NOM 11 14 7.797  5.767 
POG - - - -
DPM - - - -
Subtotaal 11 14 7.797  5.767 
Uitbreidingen - - - -
NOM 5 11 1.426  6.313 
DPM - - - -
Subtotaal 5 11 1.426  6.313 
PSC faciliteit - - - -
Totaal 16 25 9.223  12.080 

Tabel 19: Uitzettingen 2014 en 2015 (bedragen x € 1.000)

NOM tilt Active4Care naar nieuwe fase

Een tillift, voorzien van wieltjes en dus verrijdbaar, helpt mensen met lichamelijke beperkingen om zich eenvoudig en veilig te kunnen verplaatsen. Het duwen of trekken hiervan vraagt van verzorgenden doorgaans veel kracht. Dit leidt nogal eens tot nek-, rug- en schouderklachten.  

Het Drentse bedrijf Active4Care, opgericht door Jos Huizinga en Henk Janssen, bedacht een oplossing om het gebruiksgemak te verbeteren: een elektrisch aangedreven tillift. Een lift met een zelfrijdend onderstel, grotendeels gebaseerd op de principes van een elektrische fiets. Een innovatie die inspeelt op een groeiende behoefte van patiënten, verzorgenden en zorginstanties.

De tillift van Active4Care kan met minimale fysieke inspanning bediend worden. Ook de patiënt wordt meer comfort geboden. Bovendien wordt de lift op afstand gemonitord. Bij een storing of een defect kan razendsnel een diagnose worden gesteld waarna het probleem meteen kan worden verholpen. Voor de vermarkting was aanvullend kapitaal nodig. Samen met de Rabobank werd hierin voorzien door middel van een achtergestelde lening uit het Aanjaagfonds van de NOM. Deze risicodragende financiering was voor de bank voorwaarde om ook tot financiering te besluiten. Door deze gezamenlijke financiering kan Active4Care groeien en haar marktambities verder uitrollen.

Topsectoren

Nieuwe uitzettingen en uitbreidingen worden in aansluiting bij het topsectorenbeleid ingedeeld naar de 9 gedefinieerde topsectoren. Investeringen in nieuwe bedrijven en uitbreidingen zijn als volgt ingedeeld:

  Nieuw 2015   Uitbreiding 2015   Totaal v.a. 2012  
Topsector Aantal € x 1000,- Aantal € x 1000,- Aantal € x 1000,-
High Tech 5 1.937 2 3.050 19 7.590
Energie 1 175 2 115 6 1.063
Water 1 150 0 0 3 1.065
Life Sciences & Health 4 1.405 2 1.288 10 4.958
Chemie 0 0 1 650 3 800
Agri & Food 1 800 1 250 8 4.100
Tuinbouw- en uitgangsmaterialen 0 0 0 0 2 725
Logistiek 0 0 0 0 1 65
Creatieve industrie 1 500 1 10 2 510
Overig 1 800 2 950 17 4.809
Totaal 14 5.767 11 6.313 71 25.685

Tabel 20: Aantal nieuwe uitzettingen en uitbreidingen in de topsectoren in 2015

Van de totale uitzettingen in 2015 is 86% uitgezet in de topsectoren.  Van de nieuwe uitzettingen is dit eveneens 86% en van de uitbreidingen 85%. Van de totale uitzettingen vanaf 2012 is 81% uitgezet in de topsectoren.

Figuur 7: Uitgezette bedragen in 2010 t/m 2015

Figuur 8: Omvang van de verstrekkingen in 2015

Figuur 9: Duur van participaties en leningen boven € 200.000

De gemiddelde duur van participaties en leningen is ruim 8,2 jaar (2014: 7,4 jaar). Het gemiddelde van 2015 is hoger dan het jaar ervoor. Deze stijging is het gevolg van het toenemen van het aantal participaties met een investeringsduur van 9 tot 11 jaar. De exits die hebben plaatsgevonden, betreffen met name participaties waarbij NOM niet lang betrokken is geweest.           

Het streven blijft om de duur van participaties in de tijd te beperken zonder dat daarbij een op voorhand (en daarmee vaak geforceerd) exit moment vanuit de NOM wordt vastgelegd. Desondanks dient ook vastgesteld te worden dat, behoudens de deelnemingen die een goed dividend rendement opleveren, het veelal niet in het belang van het rendement voor NOM Finance is, en dus voor het revolverend karakter van het fonds, om meer dan 8 jaar betrokken te zijn bij een participatie. Eventuele exit mogelijkheden worden daarom gedurende de looptijd van de investering actief gevolgd. Daar waar een reële mogelijkheid zich voordoet wordt deze actief opgevolgd en bespreekbaar gemaakt met de andere aandeelhouders en bestuurder(s) van de onderneming.

Doelgroep Nieuw 2015 % Totaal 2015 %
(Door)starter 4 29 37 42,5
Expansie 8 57 37 43
MBO / MBI 1 7 8 9,2
Turnaround 1 7 5 5,7
Totaal 14 100 87 100

Tabel 21: Participaties naar doelgroep

Organ Assist klaar voor internationale uitrol

Donororganen beter bewaren, de kwaliteit ervan verbeteren en wachtlijsten voor transplantaties verkorten. Het wordt mogelijk gemaakt door de orgaanperfusiesystemen van Organ Assist.  Het Groningse bedrijf heeft apparatuur ontwikkeld voor het beter bewaren en het verbeteren van de kwaliteit van donororganen. In deze zogeheten perfusiesystemen worden donororganen continu gespoeld met zuurstofrijke vloeistof en voedingsstoffen. Hierdoor kunnen meer organen voor transplantatie geschikt worden gemaakt en worden de wachtlijsten verkort. Ook wordt de slagingskans van een transplantatie aanzienlijk vergroot. De nieuwe technologie betekent een doorbraak voor orgaantransplantaties.  

Dankzij ontwikkelingen in de markt en de doorontwikkeling van de perfusiesystemen is Organ Assist klaar voor een internationale uitrol. Het UMC Groningen Transplantatie Centrum heeft onlangs een orgaanperfusiekamer geopend, uitgerust met de apparatuur van Organ Assist. Het is daarmee het eerste transplantatiecentrum in Nederland en één van de eerste in de wereld met deze voorziening. Wereldwijd zien steeds meer transplantatiecentra de meerwaarde van de perfusiesystemen van Organ  Assist. Door de kapitaalinvestering van de NOM, samen met de bestaande aandeelhouders van Organ Assist is een robuust fundament gelegd voor de succesvolle toekomst van Organ Assist.

Management Buy-Out/Buy-In en bedrijfsovernames

Naast een actieve marktbenadering van bedrijven die actief zijn in één van de topsectoren, is ook in 2015 ingezet op Management Buy-Out en Management Buy-In (MBO en MBI) trajecten en bedrijfsovernames binnen het bestaande MKB in Noord-Nederland.  De NOM is hiervoor in het noorden de aangewezen partner, voor zowel kopende als verkopende partijen. Eén van de doelstellingen van de NOM is gezonde bedrijven binnen de regio een continuïteitsbasis te geven en daarmee de onderneming en de werkgelegenheid voor de regio te behouden. In geval van overnametrajecten neemt NOM Finance een actieve rol in zowel de financiering, MBI als het benaderen van overnamekandidaten. Deze trajecten krijgen extra aandacht, omdat hiermee onze rendementsdoelstelling ingevuld kan worden.

Bij innovatieve bedrijven (in de topsectoren) zijn de technologieën, en daarmee de onderneming als geheel, nog in ontwikkeling. De investeringen dragen een hoog risicoprofiel met zich mee, waardoor het reëel is ook rekening te houden met een minimaal rendement of zelfs afboekingen op de investeringen. Met de (toekomstige) rendementen van MBO’s en MBI’s en bedrijfsovernames kan dat gecompenseerd worden.

Op basis van deze strategie creëert en houdt NOM Finance een uitgebalanceerde portefeuille van startende, jonge en bestaande (groeiende) bedrijven.

Marktpositie en investeringsdilemma’s

Ook in 2015 is actief gestuurd op het vergroten van de naamsbekendheid van NOM Finance. We werken continue aan communicatie via onze website www.nom.nl.  Ook hebben we NOM-breed stappen gemaakt op het gebied van social media, onder andere door het vanuit de NOM en vanuit de individuele medewerkers delen van berichten over de NOM. Dit is gericht op de doelstelling om via social media leads te genereren.

We hebben weer eigen bijeenkomsten georganiseerd, waaronder het jaarlijkse NOM Midzomerfeest, NOM on Tour, het NOM Banking Event en masterclasses binnen het Aanjaagfonds. Vanuit NOM Finance wordt veel aan voorlichting gedaan bij banken en andere stakeholders, waarmee we het financieringsonderwerp op de kaart blijven zetten. Ook zorgen wij voor aanwezigheid op verschillende netwerkbijeenkomsten. NOM Finance bevestigt hiermee haar positie in de markt als laagdrempelige, betrouwbare en gedegen investeerder en financier.

In 2015 hebben opnieuw veel bedrijven zich bij de NOM gemeld met een verzoek om financiering. Gegeven de stijgende lijn zichtbaar in de afgelopen jaren, verwachten we dat deze trend zich voort zal zetten. Nu de financierbaarheid van startende en groeiende bedrijven gecompliceerd is en zal blijven, blijft er nadrukkelijk een rol voor de NOM als risicofinancier.

We zijn een partij die bereid is stevige risico’s te nemen, in veel gevallen meer dan de commerciële marktpartijen. Er zijn echter aanvullende partijen als banken en andere medefinanciers nodig om de totale financieringsvraag van een onderneming te realiseren. Het aantal alternatieve financieringsvormen blijft hierdoor groeien. Hoewel de complexiteit van het financieringslandschap enerzijds, en het aantal aanbieders van geld anderzijds, toeneemt, is NOM Finance blij met deze ontwikkeling. De NOM kan een stukje markt invullen wat door concurrenten onbediend blijft. Ons unique selling point; het verstrekken van risicodragend kapitaal onder goede begeleiding, passend bij de sociaal-economische doelstelling, wordt daarmee zichtbaar.

De positief kritische opstelling ten opzichte van financieringsaanvragen van de onderneming en haar ondernemer leveren echter af en toe spanningen en dilemma’s op. NOM Finance kiest voor deze kritische houding in de beoordeling van financieringsproposities vanuit de overtuiging dat dit vanuit het lange termijnperspectief de beste benadering is. Wij vinden het niet alleen onverstandig maar ook onjuist om met publieke middelen ondernemingen te laten starten of in stand te houden zonder lange termijn toekomstperspectief.

Prestarters

Bij de start van het Flinc project werd tot 1 april 2011 ook geïnvesteerd vanuit de PSC faciliteit. Het verloop van dit fonds wordt in onderstaande tabel weergegeven. Wegens het beëindigen van de projectperiode per 1 april 2011 zijn en worden er geen investeringen meer gedaan vanuit dit fonds. 

  2015 2014
Aantal Financieringen PSC-Flinc 1/1 16 23
Af: Aandelenverkoop 0 0
Af: Aflossing - beëindiging 3 2
Af: Faillissement - oninbaar 0 5
Aantal Financieringen PSC-Flinc 31/12 13 16

Tabel 22: Verloop portefeuille Flinc-PSC in 2015

Toekomst

De investeringsfondsen MKB Fonds Drenthe, Doefonds Fryslân en IFG zijn gericht op het geven van een economische impuls aan de regio door middel van risicodragende financiering.  In 2015 ontvingen de fondsen veel aanvragen en werden 20 investeringen gedaan.

Het Doefonds en MKB Fonds richten zich, binnen het MKB van de beide provincies, gedeeltelijk op een bredere doelgroep en een andere levensfase van ondernemingen dan NOM Finance. Zo wordt risicodragende financiering bereikbaar voor een grotere groep MKB-ondernemingen.  Dat is een goede ontwikkeling. De positieve start in 2015 geeft de daadwerkelijke behoefte in de markt weer voor deze fondsen.

Ook het Investeringsfonds Groningen, dat werkt vanuit een fund-in-fund principe,  is succesvol opgestart. Afgelopen jaar konden er vanuit dit fonds 2 investeringen worden gedaan.

NOM Foreign Direct Investment

In 2015 was NOM FDI bij 10 succesvolle projecten betrokken waarin voor ruim 46 miljoen euro in Noord-Nederland wordt geinvesteerd. Hiermee worden 185 nieuwe arbeidsplaatsen gecreëerd en 270 banen behouden.

Het aantal gerealiseerde arbeidsplaatsen lag in 2015 op een goed niveau. De investeringsdoelstellingen werden echter niet behaald. Dit is mede toe te schrijven aan twee grote projecten waarbij uiteindelijk de keuze is gevallen op een andere regio. Daarnaast is in 2015 met de Invest in Holland partners afgesproken Confirmation Letters alleen mee te tellen die in hetzelfde boekjaar zijn binnengekomen. In voorgaande jaren werden ook projecten meegeteld waarvan deze toezegging pas in de eerste maanden van het eropvolgende jaar werden ontvangen. Als gevolg hiervan is in 2015 gewerkt aan vier projecten die meegeteld worden in de investeringsdoelstelling van 2016. In het algemeen waren de in 2015 afgeronde projecten gemiddeld kleiner van omvang dan in voorgaande jaren.

Afbeelding 8: Aantal gevestigde bedrijven in Noord-Nederland
Afbeelding 8: Aantal gevestigde bedrijven in Noord-Nederland

  Realisatie 2014 Realisatie 2015 Doel 2015 Verschil
Aantal externe leads 78 79 80 ‑1
Aantal projecten 10 10 8 2
Investeringen (in € miljoen) 831 46,1 100 ‑53,9
Aantal arbeidsplaatsen 393 455 150 305

Tabel 23: Overzicht projecten NOM FDI

De proactieve manier waarop NOM FDI de acquisitie voor nieuwe projecten in 2015 heeft opgezet, heeft geleid tot 79 nieuwe leads. Hiermee wordt het niveau van de afgelopen jaren vastgehouden. Onderstaande tabel geeft een uitsplitsing van de resultaten van nieuwe projecten naar topsectoren weer. 

Topsector Arbeidsplaatsen nieuw Arbeidsplaatsen behoud Investering (€ x 1000)
ICT 30 0 2.500
Water 20 0 3.600
Life sciences 65 250 22.000
Agrofood 35 20 6.000
Overig 35 0 12.000
Totaal 185 270 46.100

Tabel 24: Resultaten naar Topsectoren

NOM FDI geeft nieuwe investeerders advies over vestigingslocaties, legt contacten met andere dienstverleners en leveranciers en biedt hulp bij het aanvragen en verkrijgen van vergunningen. Dit zijn essentiële onderdelen van een acquisitietraject.

De met acquisitie vergaarde kennis is zeer waardevol voor NOM FDI, omdat dit wordt gebruikt om de proposities voortdurend aan te scherpen. Ook is dit een belangrijke bron van leads voor NOM Finance en de programma’s van NOM Business Development. 

Doelgroep Arbeidsplaatsen nieuw Arbeidsplaatsen behoud Investering (€ x 1000)
Nieuw 125 0 27.100
Behoud 50 270 17.000
Joint venture 0 0 0
Uitbreiding 10 0 2.000
Totaal 185 270 46.100

Tabel 25: Resultaten naar soort project

Actieve Acquisitie

In 2015 is de NOM doorgegaan met de sectorspecifieke acquisitie van internationale bedrijven. Naast het verdere uitbouwen van de topsectoren Water, Energie, Chemie, AgriFood en Life Science, hebben wij ons afgelopen jaar gericht op het sterk profileren van Noord-Nederland als vestigingsplaats voor datacenters.

De medewerkers van NOM FDI ontwikkelen een netwerk van bedrijven en kennisinstellingen en voeren gesprekken met bedrijven op strategisch niveau. Om deze bedrijven goed te kunnen begeleiden analyseert de NOM continu de ontwikkelingen in de (top)sectoren.  We kijken naar de combinatie van factoren, de unique set of selling points, die de regio aantrekkelijk maakt en aanleiding vormt voor aanwezigheid van sectoren in de regio. Tevens onderzoeken we mogelijkheden voor supply chain optimalisatie.

Samenwerking NFIA

Sinds 2013 werkt de NOM samen met de Netherlands Foreign Investment Agency (NFIA). Deze organisatie ondersteunt buitenlandse bedrijven die vestiging of uitbreiding in Nederland overwegen. De NFIA promoot Nederland als land met een goed en aantrekkelijk investerings- en vestigingsklimaat. Sinds 2014 doet zij dit samen met haar partners onder het label Invest in Holland.

Naast een steeds intensievere samenwerking ten behoeve van het vermarkten van de Holland propositie, is het doel gesteld om binnen een aantal jaar de werkwijze binnen het NFIA te professionaliseren. Onderdeel hiervan is het ontwikkelen van een gezamenlijk opleidingsprogramma voor werknemers van de NOM en collega-bedrijven op het vlak van investeringsbevordering.

De Noord-Nederlandse proposities worden opgenomen in de Holland-proposities. Nationale Acquisitie Teams, gevormd door partners uit de verschillende regio's en gecoördineerd door de NFIA, zijn verantwoordelijk voor deze proposities. Ook stellen zij longlists van bedrijven samen. De NFIA heeft ruim 20 kantoren in het buitenland van waaruit contacten worden gelegd met deze bedrijven.

Parallel hieraan leggen medewerkers van de NOM op congressen en beurzen, veelal in het buitenland, gericht contact met ondernemingen die passen bij de propositie.  De proposities worden daarnaast verspreid via onder andere whitepapers, social media en websites. Via beide wegen beogen we een relatie op te bouwen met beslissers, zodat de NOM op het moment van een mogelijke uitbreiding naar Europa als eerste contactpunt wordt gezien.

EColoRO maakt water circulair

In de textielindustrie worden gigantische hoeveelheden water gebruikt. Dit zwaar vervuilde water is moeilijk schoon te krijgen en wordt daarom vaak geloosd.  In Turkije is het probleem extra groot. De bedrijven daar verbruiken dusdanig veel grondwater dat het steeds dieper uit de bodem moet worden gehaald, met stijgende kosten als gevolg.

Het bedrijf EColoRO kreeg het voor elkaar om het afvalwater zo goed te reinigen dat textielfabrieken het nogmaals kunnen gebruiken. Met de door hen ontwikkelde installatie, die in drie zeecontainers past, kunnen grote hoeveelheden afvalwater snel gezuiverd worden. Daarna wordt het opnieuw gebruikt in het productieproces. Zo pakt het Friese bedrijf niet alleen de vervuiling aan, maar lost het tevens het watertekort op. Het eerste project in Turkije leverde de textielproducent een besparing van 60 procent op de waterrekening op.

De ondernemers achter Ecoloro zochten voor het bedrijf een goede locatie voor de verdere ontwikkeling, product innovatie en samenwerking met andere partijen. NOM FDI heeft het bedrijf begeleid naar een eigen vestiging op de watercampus in Leeuwarden. Deze locatie bleek ideaal vanwege het optimale klimaat voor innovatieve watertechnologie bedrijven. Ook hebben wij ondersteuning geboden op het gebied van HR, en konden verbindingen worden gelegd binnen het water technologie netwerk. Voor de noodzakelijke groei was ook additionele financiering vereist. In samenwerking met het Doefonds, Aanjaagfonds en gemeente Leeuwarden werd daarvoor invulling gevonden. Inmiddels is het bedrijf vanuit Leeuwarden volop en met succes actief op de markt.

Retentie

Naast acquisitie richt NOM FDI zich op het blijven versterken en ontwikkelen van de contacten met gevestigde bedrijven. Door hen actief te betrekken in regionale programma’s en een goede band op te bouwen, wordt de NOM vaak in een vroeg stadium betrokken bij obstakels waar zij tegenaan lopen. Ook hierin is het NFIA een belangrijke partner. Met het Investor Relations programma, ontwikkeld vanuit het NFIA, zorgt de NOM dat bedrijven die plannen hebben om een vestiging te sluiten of te verplaatsen naar een andere regio, toch in Noord Nederland blijven.

Het afgelopen jaar heeft de NOM in samenwerking met het NFIA 59 buitenlandse bedrijven in verschillende topsectoren bezocht. Met het lokale management hebben wij gesproken over issues die deze bedrijven in de weg stonden. Dit variëert van problemen met werkvergunningen, het vinden van de juiste mensen, of obstakels met overheidsinstanties. Wanneer dit het vestigingsklimaat in Nederland in bredere zin raakt, is de NFIA betrokken. Daarnaast zijn vijf nieuwe projecten gestart naar aanleiding van IR bezoeken.

De NOM heeft als mediator of adviseur obstakels voor ondernemen in de regio weggenomen. In een aantal gevallen is het gelukt om met hulp van gemeente en provincie een voorgenomen sluiting af te wenden. In andere gevallen was het mogelijk de vestiging open te houden door een overname of door een nieuwe productfocus. Ook hebben wij gevestigde bedrijven succesvol bijgestaan in het realiseren van uitbreiding door hulp te bieden bij het opstellen van diverse business cases.

Buitenlandse bedrijven worden regelmatig uitgenodigd voor deelname aan door de NOM georganiseerde evenementen, zoals het Midzomerfeest.

Soort Omschrijving Aantal
Strategische planvorming De onderneming beraadt zich over de toekomst. Gedacht kan worden aan een exit door de moeder, herpositionering, mogelijke sluiting en nieuwe product markt combinaties 28
Netwerkprogramma De onderneming wil graag deelnemen aan door de NOM ontwikkelde netwerkprogramma’s, bijvoorbeeld op het gebied van lean manufacturing 4
Uitbreiding De onderneming plant of is bezig met uitbreiding of uitbreidingsinvesteringen 9
Behoud De onderneming wordt door de moeder gesloten of gaat failliet 1
Geen Er spelen geen issues waarin de NOM een rol kan spelen 17
Totaal   59

Tabel 26: Investor Relations 2015

Bovenstaand overzicht van uitgevoerde IR bezoeken laat zien dat de NOM toegevoegde waarde levert in veel issues waar bedrijven tegenaan lopen.

 

NOM Business Development

NOM Business Development helpt ondernemers met de ontwikkeling van hun plannen en ideeën. Wij brengen bedrijven en kennisinstellingen met de juiste competenties bij elkaar, zijn betrokken bij het maken van het projectplan en het realiseren van de financiering. Zo worden ideeën ontwikkeld tot innovatieve producten, diensten en methodieken die op de markt gebracht kunnen worden.

Met deze activiteiten heeft NOM Business Development in 2015 haar doelstelling voor de innovatie impuls van € 6 miljoen ruimschoots gerealiseerd. In veel gevallen spelen projecten zich af op het snijvlak van meerdere topsectoren. Deze worden in onderstaande tabel gerapporteerd onder de sector die in het project leidend was.  

  2015 2014
Energie 0,0 0,0
Agri&Food 3,1 8,8
Water 0,0 0,0
High Tech 20,7 11,7
Totaal 23,8 20,5

Tabel 27: Realisatie innovatie impuls (in € miljoen)

Region of Smart Factories

Een highlight in 2015 was de totstandkoming van het Region of Smart Factories (RoSF) project. Een project met een omvang van € 20,7 miljoen, grotendeels door de betrokken bedrijven opgebracht. Ook de Noordelijke overheden en het Ministerie van EZ hebben hier een belangrijke bijdrage aan geleverd. Het consortium is inmiddels uitgegroeid tot een groep van 35 partners, bestaande uit grote en kleine bedrijven, kennisinstellingen en het complete onderwijsveld.

De focus van RoSF ligt op het ontwikkelen van 'Smart Factories'. De industrie staat aan de vooravond van een ingrijpend proces van digitalisering. In Duitsland wordt deze ontwikkeling aangeduid als de vierde industriële revolutie. Producten worden intelligent en productieprocessen worden zelf-lerend, waardoor foutloos produceren mogelijk wordt. Alle spelers uit de maakindustrie, inclusief consumenten, worden via het 'Internet of Things' met elkaar verbonden. Dit maakt nieuwe verdienmodellen mogelijk.

De opkomst van de digitale maakindustrie komt op een interessant moment voor de noordelijke regio. Het noorden heeft een aantal belangrijke troeven in handen om volop te profiteren: kennis van Big Data, ICT en sensorsystemen, opvallend veel kennis over materiaaltechnologie (essentieel voor de overstap naar intelligente fabrieken) én de regio heeft nog een echte maakindustrie.

Het RoSF consortium wil Noord-Nederland uitbouwen tot een internationale hotspot voor Smart Factories, en daarmee een bijdrage leveren aan vernieuwing van de noordelijke maakindustrie en uitbreiding van werkgelegenheid op alle scholingsniveaus. Smart Factory biedt de kans om weer te gaan produceren in regio’s met hogere loonkosten, het zogenaamde 'reshoring'.  Noord-Nederland is al hard op weg om een echte Region of Smart Factories te worden:

  • RoSF is het grootste 'Fieldlab' op de landelijke Actieagenda Smart Industry van het Team Smart Industry onder leiding van Ineke Dezentjé-Hamming (www.smartindustry.nl).
  • In april 2015 presenteerde het RoSF zich met veel succes op de Hannover Messe (april 2015) waar minister Kamp het consortium formeel heeft gelanceerd.
  • RoSF staat prominent op de Noordelijke Innovatie Agenda (de NIA) en is door de SER Noord-Nederland én de nieuwe Taskforce HTSM Noord-Nederland erkend als Ikoonproject voor het Noorden.

Cluster Energie

Northern Netherlands Offshore Wind

Een belangrijk project in de sector Energie is Northern Netherlands Offshore Wind (NNOW) dat samen met Energy Valley en de Kamer van Koophandel wordt uitgevoerd. In dit project worden Noord-Nederlandse en Noord-Hollandse bedrijven betrokken bij de aanleg van windparken op zee.

NNOW speelt de komende jaren in op de aanleg van windparken in het Nederlandse en Duitse deel van de Noordzee. Zowel de installatiefase als de daaropvolgende langjarige fase van onderhoud en reparatiewerkzaamheden aan de windparken zal leiden tot additionele omzet bij Noord-Nederlandse bedrijven. Daarnaast worden binnen het project innovatie en samenwerking nagestreefd, waarmee een verlaging van de kostprijs van windenergie op zee moet worden gerealiseerd. Het cluster wordt ook gebruikt in de regioprofilering ten behoeve van het aantrekken van nieuwe bedrijven.

Mede door de succesvolle NNOW supply chain meetings en gezamenlijke deelname aan internationale beurzen georganiseerd door de NOM is het aantal betalende leden in 2015 gegroeid van 75 naar 87. In 2016 zal alles erop gericht NNOW te ontwikkelen tot een onafhankelijke organisatie zonder overheidsfinanciering.

Cluster Agri & Food

Greenlincs

Noord-Nederland is kansrijk voor de AgriFood en Biobased Economy (BBE) sectoren. De aanwezigheid van goede zeehavens, een chemie- en kunststoffencluster en veel grondstoffen zorgen ervoor dat het Noorden een grootschalige producent en leverancier kan worden van hernieuwbare grondstoffen voor de regionale productie van ‘groene’ chemicaliën, kunststoffen en veevoeder-eiwit.

Ook telt de noordelijke regio veel landbouwbedrijven en ondernemingen die land- en tuinbouwproducten verwerken. Om zowel nationaal als international deze positie te versterken is in 2013 de clusterorganisatie Greenlincs opgestart. Greenlincs is de spil in het netwerk van bedrijven en kennisinstellingen in Noord-Nederland. 

De ambitie is om Greenlincs te ontwikkelen tot hét gezicht van de Noordelijke AgriFood en Biobased Economy. 

Binnen Greenlincs wordt langs een aantal lijnen gewerkt:

  • Interreg projecten richten zich direct op het MKB. In 2015 zijn twee projecten afgerond: Food Future en Agrobiopolymeren. Bij beide projecten zijn de doelstellingen ruimschoots gehaald. Ook is een tweetal nieuwe projecten inmiddels voorbereid en goedgekeurd. Food2020 is daarin de opvolger van Food Future. Een belangrijk deel van het programma bestaat uit het verstrekken van projectsubsidies aan ondernemingen in de food-sector die daarmee R&D kunnen uitvoeren. Een ander programma richt zich op bio-economie non-food. Een deel hiervan is gericht op het uitvoeren van haalbaarheidsstudies.
  • Met North4Bio werkt Greenlincs aan Biobased Economy. In dit programma werkt een aantal grotere en middelgrote ondernemingen nauw samen om te komen tot een vergroening van de grondstofstromen van de chemie. Dit moet in de komende jaren leiden tot investeringen door de betrokken bedrijven, zowel middels R&D als uitbreidingen.
  • Een derde aandachtsgebied richt zich op het verbeteren van de efficiëntie van landbouw en veeteelt door de toepassing van ‘precies produceren’ en SmartDairyFarming.  

AgroAgenda Noord-Nederland

Ook is Greenlincs sterk betrokken bij de AgroAgenda, een initiatief waarin het agro-bedrijfsleven, LTO-Noord, natuur- en milieuorganisaties, kennisinstellingen en de drie noordelijke provincies samen werken aan vernieuwende en aansprekende projecten en het profileren van de sector als geheel. Er wordt gewerkt aan Noord-Nederlandse icoonprojecten zoals het programma Innovatie Landbouw Veenkoloniën; de versnellingsagenda voor de melkveehouderij en de investering in duurzame pootaardappelrassen.

Cluster Water

Water

Het watertechnologiecluster ontwikkelt zich steeds verder en wordt belangrijker voor de regio. Business Development binnen dit cluster bestaat voor een belangrijk deel uit het bij elkaar brengen van bedrijven om gezamenlijk innovaties te ontwikkelen. Ook richten wij ons op het oplossen van watertechnologie vraagstukken van klanten.

Hiervoor wordt de “Waterplein” benadering gebruikt, waarin een onderneming of overheid een casus presenteert. Deelnemende bedrijven ontwikkelen vervolgens gezamenlijk of alleen een oplossing. Op deze wijze kunnen ideeën doorontwikkeld worden om tot een vermarktbaar product te komen.

Naast de Waterpleinen die in Nederland plaatsvinden, werd afgelopen jaar een bijeenkomst rondom een casus uit Akron, Ohio, georganiseerd. Hierin stond de uitdaging van algengroei in een lokaal meer centraal. Als resultaat is een aantal Nederlandse bedrijven hun technologieën gaan combineren om een oplossing te bieden.

Cluster High Tech

HTSM Noord-Nederland

Op initiatief en onder regie van de NOM is in 2014 de Taskforce High Tech Systemen en Materialen (HTSM) van start gegaan. Dit is het resultaat van de krachtenbundeling van de NOM en een aantal grote bedrijven, waaronder Philips en Fokker. Het doel is om naast de traditionele Noordelijke topsectoren meer aandacht te besteden aan de Hightech sector. HTSM, feitelijk de ‘maakindustrie’, is zowel regionaal als nationaal de grootste topsector die werkgelegenheid op alle opleidingsniveaus biedt.

De Taskforce HTSM heeft vier speerpunten vastgesteld: Embedded Intelligence, Advanced Materials, Adaptive Manufacturing en ‘Big Science'. Het platform heeft de ambitie om de komende jaren doorbraakprojecten te organiseren gericht op het ontwikkelen van HTSM-bedrijvigheid en nieuwe werkgelegenheid. De NOM voert het secretariaat van de Taskforce HTSM en neemt een belangrijke taak in de uitvoering van werkzaamheden op zich.

Door de activiteiten rondom de Taskforce heeft Noord-Nederland zich sterk geprofileerd als kansrijke hightech regio. Dit heeft ertoe geleid dat HTSM is toegevoegd aan de Noordelijke Innovatie Agenda (NIA).  Ook is meer landelijke aandacht voor mogelijkheden in deze sector gerealiseerd. 

World Class Composites Solutions

Afgelopen jaar is gewerkt aan het programma World Class Composites Solutions (WCCS), gericht op de ontwikkeling van innovatieve composietoplossingen. De komende jaren investeren dertien partijen €12 miljoen euro.  Het WCCS-programma is gestart rondom Fokker Aerostructures in Hoogeveen en heeft als ambitie Noord-Nederland een internationale koploper in de productie en bewerking van lichtgewicht composietmaterialen te maken. Daarnaast staat de optimalisatie van productieprocessen centraal. De initiatiefnemers willen op die manier een structurele bijdrage leveren aan de groei van de (groene) economie en een gezonde arbeidsmarkt in de regio.

NOM Business Development richt zich binnen dit project op het opbouwen van een netwerk van MKB-bedrijven die  betrokken kunnen worden. Ook wordt gezocht naar ondernemingen die de in het project ontwikkelde technologie kunnen toepassen in hun producten en processen.

Flinc NXT

Flinc is het portaal voor innovatieve ondernemers die vastlopen in hun weg naar financiering, start en groei. Innovatie en ondernemerschap zijn nog altijd belangrijk voor de regionale economie. Veel, met name startende, bedrijven stranden echter in de zoektocht naar kapitaal. Daarom heeft Flinc ook in 2015 veel ondernemers goed op weg kunnen helpen.

Toch was 2015 voor Flinc ook een bewogen jaar. Het project Flinc NXT liep formeel van maart 2013 tot en met maart 2015 waardoor de voortzetting van het project niet zeker was. Door financiële meevallers en minder bestedingen aan PR, Communicatie en Events kon Flinc NXT verlengd worden tot 1 augustus 2015. Hieronder staan de resultaten van Flinc NXT over de periode 1 maart 2013 t/m 31 juni 2015.

  Doel Realisatie
Contacten met ondernemers (leads) 200 379
Adviestrajecten 40 117
Financieringen 30 50
Gefinancierde bedrijven 0 29
Uitgelokte investeringen (in € mln.) 3 7.4
Arbeidsplaatsen (potentieel) 36 185

Tabel 28: Resultaten Flinc 2013 - 2015

In 2015 heeft Flinc contact gehad met 196 ondernemingen. Hiervan zijn 48 ondernemingen door Flinc als innovatief, kansrijk en schaalbaar bestempeld. Deze  bedrijven hebben gebruik kunnen maken van advies, een netwerk en investeerders van Flinc. Samen met de ondernemer wordt gekeken welk instrument en welke financieringsbron het beste past bij het type en de fase van de onderneming. In totaal zijn 25 financieringen verstrekt aan 15 ondernemingen met een totaal geïnvesteerd kapitaal van € 6 miljoen en een arbeidspotentieel van 70 arbeidsplaatsen.

Flinc is direct vanaf het begin in staat geweest om aansluiting te vinden bij regionale initiatieven en partijen uit haar netwerk. Binnen dit netwerk heeft Flinc de taak om partijen te verbinden en ondernemers naar het juiste ‘loket’ te verwijzen. De samenwerking met het Noord-Nederlandse netwerk heeft mooie resultaten opgeleverd. Dit is terug te zien in doorverwijzingen, waardevolle connecties, gezamenlijke organisatie van evenementen en de optimalisatie van het ecosysteem rondom ondernemerschap en innovatie. Het is zaak om dit door te zetten en waar nodig te verbeteren. 

  Realisatie
Contacten met ondernemers (leads) 196
Adviestrajecten 48
Financieringen 25
Gefinancierde bedrijven 15
Uitgelokte investeringen (in € mln.) 6
Arbeidsplaatsen (potentieel) 70

Tabel 29: Resultaten Flinc 2015

Toekomst

De continuïteit van Flinc is inmiddels gewaarborgd, daar het project vast onderdeel van de NOM wordt. De afgelopen maanden heeft het team van Flinc de propositie geanalyseerd. Dit heeft geresulteerd in een aantal veranderingen:

  • We vragen een vaste bijdrage van € 250 aan ondernemers die een adviestraject volgen.  
  • Ook is gewerkt aan een nieuwe website en is een investeerdersplatform gelanceerd waar ondernemers en investeerders elkaar makkelijk kunnen vinden, gericht op interactie en kennisdeling. Hiermee richten we ons op een toenemend aantal financieringen.
  • Voor ondernemers zullen tevens workshops georganiseerd worden in samenwerking met andere partijen. Daar wordt ingegaan op thema's die spelen bij de doelgroep.
  • Daarnaast worden de criteria voor deelname aan Flinc aangescherpt. Zowel starters als bestaande MKB-bedrijven kunnen deelnemen. Hierbij wordt kritischer gekeken naar haalbaarheid, innovativiteit en schaalbaarheid. Op deze manier wil Flinc investeerders betere investeringskansen bieden en het aantal succesvolle bedrijven in Noord-Nederland verhogen.

Door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) is Flinc aangewezen als de regionale coördinator van de regeling Vroege Fase Financiering (VFF). Dit moet enerzijds leiden tot meer en betere aanvragen voor RVO en anderzijds tot meer financieringen vanuit VFF aan Noord-Nederlandse ondernemers. Een andere wens is om vouchers beschikbaar te stellen aan ondernemers om expertise scherp in te kopen bij marktpartijen. In 2016 zal dit verder bekeken worden met andere partners.

Flinc zal in 2016 ambitieus en vooruitstrevend zijn met de volgende doelstellingen:

  Doel
Leads 100
Adviestrajecten 40
Gefinancierde bedrijven (Indirect/Direct) 15 (5/10)
Aantal financieringen 22
Totaal geïnvesteerd kapitaal (in € mln.) 2
Arbeidsplaatsen (in FTE) 80

Tabel 30: Doelstellingen Flinc 2016

Innovatiefonds Noord-Nederland

Kennis en innovatie zijn belangrijk voor economische ontwikkeling en het concurrentievermogen van Noord-Nederland. Daarom stimuleren de drie Provincies, in samenwerking met de NOM en het ministerie van Economische Zaken, kennisontwikkeling en innovatie met het Innovatiefonds. Dit fonds stelt ondernemers in staat om van innovatief idee naar vermarktbaar product te komen. Het vinden van financiering blijft een uitdaging, een marktbehoefte die het Innovatiefonds invult. 

Het fonds is 1,5 jaar operationeel en begint zijn vruchten af te werpen. Afgelopen jaar is veel tijd gestoken in het structureren van het fonds en het genereren van bekendheid. Ook is aandacht besteed aan de aansluiting met bestaande instrumenten en fondsen gericht op innovatie en kennisontwikkeling. Hierdoor kunnen organisaties en ondernemers de weg naar het Innovatiefonds steeds beter vinden.

Doordat het Innovatiefonds zich richt op ‘vroege fase’ financiering zijn de doorlooptijden lang. De ideeën zijn er, maar de business plannen zijn niet compleet uitgewerkt. Toch zijn er in 2015 drie nieuwe participaties geworven, waarmee het fonds eind 2015 vier participaties in portefeuille heeft, goed voor een toegezegd kapitaal van € 550.000. Voor het Innovatiefonds is dit een goed begin. Met een goed gevulde pijplijn zijn de verwachtingen voor 2016 positief. Naar verwachting zullen vijf nieuwe participaties gerealiseerd worden met een totale investering van € 1 miljoen.